Halfbakken oerGSM's schreeuwen om vergetelheid

Schrijver Lodewijk van Deyssel vond telefoneren zó'n gênante bezigheid dat hij dit aan een knecht uitbesteedde. Nu, een eeuw later, is Bells uitvinding uitgegroeid tot het summum van cool; overvloedig telefoneren reflecteert een dynamische levensstijl die iedere zichzelf respecterende goktentuitbater of hartchirurg wil uitstralen.

Men heeft ontdekt dat het niet om de inhoud van je telefoontje gaat, maar om je houding tijdens het telefoneren (met een goede telefoonmotoriek kun je het drukste café domineren), en dat het beter is om opgebeld te worden dan zelf te bellen (impliceert onmisbaarheid en trekt meer
aandacht).

Tele-exhibitionisme heeft natuurlijk alleen maar zin als er publiek aanwezig is. Daarom is de oude draadtelefoon zo ongeschikt; ze beperkt de beller tot het kantoor waar zijn collega's dondersgoed weten dat hij geen dynamische persoonlijkheid is maar een slappe ouwehoer, of tot de telefooncel waar hij niet opgebeld kan worden en slecht zichtbaar is vanwege de beslagen annex ondergepieste ruiten.

Voor veel narcistische yuppies was het dan ook een godszegen toen Telecom de mobiele telefoon introduceerde. Geen grand café of file was meer veilig voor hun peperdure telebabbels, die ze tot ware belperformances perfectioneerden.

Nederland heeft echter maar een beperkt aantal yuppies. Dus om ook Jan Modaal uit te melken lanceerde Telecom een paar jaar later de Kermit, een soort speelgoedtelefoon die alleen maar functioneert als je naast een postkantoor staat. Telecom had een marketingbureau nodig om erachter te komen dat Jan Modaal geen behoefte heeft om, pal naast een gewone telefooncel, met een Muppetkikker voor twee gulden per minuut weg te bellen. Kermit is inmiddels geëxecuteerd en zijn opvolger, de Greenhopper, klinkt als een beest uit Sesamstraat. En daar heeft Jan een nog grotere hekel aan.

Telecom richt zich nu vooral op jongeren. "Kids", zo redeneert ze, "zijn dom, ijdel en onzeker en dus makkelijk te manipuleren. Bovendien hebben ze spaarvarkens vol Zilvervloten en een enorm gat in de hand. Uitstekende prooien dus." Ze introduceerde de Buzzer, een halfbakken semafoon die eruit ziet als een Nintendospelletje of een Swatch, en presenteerde dit driehonderd gulden kostende prulletje als de nieuwste trend in telecommunicatie. "Buzz je vrienden op in de disco of collegezaal!" luidt hun lekkermakertje.

Praten met de Buzzer kan echter niet. Nu hebben jongeren elkaar natuurlijk helemaal niets zinnigs te vertellen ("Mijn scooter haalt nu 80. Heb je Mieke al in d'r tieten geknepen?"), maar Telecom heeft over het hoofd gezien dat voor een overtuigende teleshow - en die zijn juist voor jongeren zo aantrekkelijk - wel een echt gesprek nodig is.

Een low budget semafoon die bzzz doet is bepaald geen charismaversterker. Om de kids er toch van de onmisbaarheid te overtuigen moeten de copywriters van Telecom zich dan ook in de meest onwaarschijnlijke bochten wringen. Eén commercial gaat zo: "Stel dat je in de collegebank zit, en je vrijer uit Italië is aangekomen op je etage. Dan kunnen je huisgenoten je met je buzzer opbuzzen. En kun jij een smoes verzinnen om zo snel mogelijk naar huis te gaan!"

Ik denk niet dat jongeren zo stom zijn om zich een prutsbuzzer aan te laten smeren. Zeker niet als ze zich spiegelen aan de oudere yuppies, die het tegenwoordig juist cool vinden om niet bereikbaar te zijn (je bent immers pas echt in control als je niet voortdurend lastiggevallen hoeft te worden).

Verder heeft Telecom de kapitale fout gemaakt om de buzzers uit te rusten met een trilmechanisme dat rinkelen vervangt - blijkbaar leeft ze in de illusie dat zo'n broekzakvibratortje een grotere kick geeft dan de aandacht van een collegezaal vol snotneuzen.

Je zal zien de Buzzer net zo snel geëlimineerd wordt als de Kermit, en dat jongeren een mooie Gamma nep-autotelefoon van 24,95 op hun opoefiets plakken. De voordelen staan op de doos: 'Geen aansluitingskosten, geen abonnementskosten, geen gesprekskosten. En gemakkelijk te monteren.' Daar had zelfs Van Deyssel zich in kunnen vinden.