Replicabezitters zijn trots op hun voorzetstuk

Vroeger zag je ze wel rondhangen op het schoolplein, mannetjes met een imitatie-Rolex. Heel zielig en heel fout vond ik dat. Maar eigenlijk stond zo'n joekel om je pols ook wel stoer. De enige reden waarom ik er zelf nooit een heb gekocht, was het briljante inzicht dat een Rolex niet zozeer een patsobject is, alswel het toonbeeld van betrouwbaarheid. Een Rolex-replica komt neer op een Volvo met Trabantmotor. En welk meisje kickt daar nu op.

De Rolex-mannetjes van het schoolplein rijden inmiddels rond in imitatie-Ferrari's. Want auto's zijn uitermate geschikt als pats-object en replica's zijn de trend in de autowereld. Een replica ziet eruit als een onbetaalbare droombolide, maar is opgebouwd uit huis-, tuin- en keukenonderdelen.

De meeste worden kant-en-klaar geleverd (patsers zijn belabberde knutselaars) maar ze zijn ook verkrijgbaar als bouwpakket. Dat bestaat bijvoorbeeld uit een polyester carrosserie met Ferrari-look, een Volkswagenchassis, een Pontiacmotor en een flinke zak losse onderdelen. Als je de videohandleiding netjes volgt, heb je na 200.000 uur sleutelen je eigen nep-Formule I-monster. Voor nog geen vijftien ruggen.

Vorige maand kwamen in het Autotron bij Den Bosch replica-liefhebbers en eigenaars van echte droomauto's bijeen. De imitaties waren nauwelijks van de originelen te onderscheiden, hun eigenaren des te meer. De echten bleken elitaire rijkeluiszoontjes, die snoefden over uniekheid en waarde & traditie. Ze waren alleen maar gekomen om de neppers te intimideren. De neppers waren enthousiaste suckers met een minderwaardigheidscomplex, die in polyester kitsch hun levensdroom verwezenlijkt zagen. Heel aandoenlijk.

Wat de neppers niet beseffen, is dat ze zich met zo'n patsbolide nog heel wat ellende op de hals halen: de Sociale Dienst die de uitkering stopzet, de Belastingman die een vette naheffing doet, de ex-vrouw die verdubbeling van de alimentatie eist. Bovendien leef je in een voortdurende angst om ontmaskerd te worden door nieuwsgierige buren ("Leuk karretje buurman - mag ik effe onder de kap kijken!") en kun je bij elk stoplicht een deuk in je ego verwachten. Sta je stoer met je arbeidersFerrari-met-Opel-motor te gassen, word je er door een lullige Audi uitgetrokken.

Replica-bezitters moeten dus, om risicovrij indruk te maken, hun auto zo snel mogelijk voor een terrasje parkeren en er dan zo nonchalant mogelijk tegenaan leunen. Peukje roken, af en toe een blik op de nep-Rolex werpen en een fake-babbeltje maken met de Gamma-nep-autotelefoon.

Of beter nog (en goedkoper): ze moeten een nep-Ferrari zonder motor kopen, hem 's nachts met het Kadettje naar Scheveningen slepen en hem daar dan de rest van het jaar laten staan. Een soort Formule l-caravan.

Grotere problemen voorzie ik voor de echte Ferrari-bezitters. Als gevolg van de statuscorruptie zullen deze snobs steeds vaker voor nepper aangezien worden. De eerstvolgende keer dat ze hun Ferrari Testosteron dubbelparkeren op de boulevard van St. Tropez krijgen ze (in het Frans) een "Hé maatje, gaan we die opgevoerde Kadett effe goed zetten?" naar hun kop geslingerd. Uit frustratie zullen ze zich vergrijpen aan de volgende trap in de replica-hiërarchie: een privé-jet, met notenhouten cockpit, maar zonder motor. Doet het enorm goed bij nachtclubs.