columns over tv titels

Reportageserie over popiconen mijdt diepgang

Soms begrijp ik het inkoopbeleid van de VPRO-televisie niet. Neem nou Mojo working, die documentaire-serie over legendarische popsterren. De VPRO-gids maakte ons lekker met namen als BB King, Jerry Lee Lewis, John Lennon en Janis Joplin, maar wat viel dat tegen!

Zo blijkt het beeldmateriaal per aflevering beperkt tot één concertregistratie die bovendien op video verkrijgbaar is en die alle fans dus kunnen dromen. Nog storender zijn de 'gasten' die commentaar leveren op de legendes: geen bandleden, ex-partners, familieleden of producers die met de muzikant(e) hebben samengeleefd of samengewerkt, maar marginale figuren uit de popwereld die niets te maken nebben met de legendes en uitspraken doen als: "I think Hendrix was the best guitarplayer ever", of: "Chuck Berry was the Shakespeare of rock 'n' roll." Onlangs waren The Doors aan de beurt. Als rechtgeaard fan ging ik door de grond van ergernis.

Sixties band The Doors, en dan met name voorman/zanger/componist Jim Morrison, heeft alle recht op de status van pop legende. The Doors wisten met hun combinatie van haast hallu-cinatoire sound, mythologische teksten en pervers-seksueel podiumgedrag als eersten (en tot nu toe als enigen) een theatrale dimensie aan rockmuziek te geven die zo overtuigend was dat hun optredens zich tot een nieuwe, even intellectuele als primaire kunstvorm ontwikkelden.

The Doors waren ongegeneerd pretentieus en wisten die pretenties soms waar te maken. Er zijn over Morrison ten minste twintig boeken geschreven, er is een speelfilm aan zijn carrière gewijd en er zijn zo'n tien video's op de markt.

En wat doet Mojo? Mojo zendt fragmenten uit van een concert dat al driemaal op de televisie is geweest en overal op video te koop is. Mojo nodigt 'deskundigen' uit die te jong zijn om zich Morrison überhaupt te kunnen herinneren en hun ignorantie achter cliché's verbergen. Luister naar een zekere Toni Halliday (Curve): "He could really manipulate the audience". Naar een zekere Chris Needs (schrijver): "He was crazy sometimes". Naar een zekere Rudi Protrudi (Fuzztones): "The Doors could create a mood that could take you somewhere else."

Alsjeblieft zeg. Waarom laten de makers niet gewoon fans aan het woord. In Duitsland bijvoorbeeld zit een leraar muziek annex Doors-Fanclubvoorzitter met een waanzinnig gedetailleerd Doors-archief. Prettig gestoord. Maar zelfs een doodordinaire Doors-fan uit Zundert heeft nog meer te vertellen dan deze wauwelaars, die waarschijnlijk uitgekozen werden omdat ze toevallig beschikbaar waren (de docu is Engels, en bijna alle gasten zijn toevallig ook Engels).

Nee, zelfs Bram van Splunteren, die met zijn bejaarde jongerengeneuzel toch heel wat dieptepunten in de popjournalistiek heeft aangeboord, had er iets interessanters van gemaakt. Hij had de cliché's in ieder geval zelf allemaal ingeluid.