columns over tv titels

Eigen mid-life zonde bij Stadsomroep Utrecht

Columns schrijven is pas lonend als je beroemd bent, merkte een vriend scherpzinnig op toen ik weer eens zat te zeuren over mijn inkomen. Het is waar. Pas als je een bestseller hebt geschreven of een bank overvallen kun je passend loon eisen voor je stukjes. Probleem is dat ik het doorzettingsvermogen mis voor een sleutelroman of gijzeling. Ik zou, volgens die vriend, meer kans maken in de televisiewereld. Zoals ze dat in Amerika zeggen: je bestaat pas als je op tv geweest ben.

Jammer genoeg ken ik maar weinig mensen in mijn omgeving die op tv zijn geweest en beroemd zijn geworden. Ik denk aan Angelina, een Indische schoonheid uit Spijkenisse op wie ik de hele middelbare schooltijd verliefd was. Vorig jaar zag ik haar in een programma over zandkastelen, als persoonlijk assistent van een Amerikaan die in Scheveningen de Kathedraal van Milaan na-bouwde. Angelina is nog steeds niet beroemd, maar heeft wel een bolle kop gekregen.

Een geslaagder voorbeeld is dan collega Gerard J.. Gerard, brein achter de Easy Tunes en U-blads chroniqueur van alledaagse waanzin, mocht laatst in het popprogramma Trexx zijn hit 'Aloha' zingen in een decor vol cavia's en konijnen en hamsters. Geen drank of drugs of groupies voor Gerard, maar hij kan nu wel het zesvoudige voor zijn column vragen. Ik bedoel maar.

Wat ik die vriend niet durf te vertellen is dat ik zelf ook ooit een televisiepersoonlijkheid ben geweest. Jawel. Niet bij RTL4 of de VARA, maar bij de Stadsomroep. Als filmrecensent. Ik was de Barry Norman (of iets minder fraai: de Simon van Collem) van de toenmalige Domroep. Wat begon als een bescheiden radiopraatje groeide uit tot een weergaloos televisieprogramma met fragmenten en recensies. Ik nam persoonlijk de presentatie, tekst, productie, catering, PR, make-up, regie, en belichting voor mijn rekening. Tegelijkertijd.

Nou staat de Stadsomroep bekend om haar nihil kijkdichtheid, maar mijn zeventigjarige buurvrouw gaf me altijd een knipoog na de uitzending. Zelfverzekerd besloot ik daarom de opnameband te gebruiken als curriculum-pronkstuk bij sollicitaties. En om een passend loon voor mijn stukjes af te dwingen.

Ik ben er mee opgehouden toen ik de tape een keer aan mijn vriendin liet zien: zij barstte, zodra mijn kop in beeld verscheen, in een hysterisch hoongelach uit. Ik heb de compromitterende beelden nooit aan het U-blad laten zien. Nu zit ik naar de AVRO te kijken. Naar Judith de Bruyn, programmamaakster, omroepster en presentatrice. Weer zo'n kennis die op de tv beroemd is geworden. Ooit was zij mijn cheffin bij de Stadsomroep. Zij geloofde in mij. Maar ik geloof niet meer zo in tv. Ik ga dat AMRO-flliaal om de hoek maar eens verkennen.